Taekwon-Do Giants

Taekwon-Do Giants: speciaal voor kinderen met een motorische beperking

 

Logo

Aanleiding

Mensen die voldoende sporten hebben minder kans op gezondheidsproblemen, maar wat als je chronisch ziek bent? Is sporten dan ook gezond voor je en zijn er nog andere voordelige effecten van voldoende sporten en bewegen? Uit onderzoek is gebleken dat sporten voor mensen met fysieke beperkingen dezelfde positieve effecten heeft als voor mensen zonder beperkingen. Zo reduceert sporten de kans of hart- en vaatzieken, obesitas en diabetes type 2 en worden psychosociale voordelen beschreven zoals plezier, het accepteren van je handicap en een verbeterd zelfvertrouwen.

In Nederland is er een grote groep mensen met een chronische aandoening die hen motorisch beperkt. Uit onderzoek is gebleken dat de sportparticipatie van mensen met een matig tot ernstige motorische beperking veel lager is in vergelijking met mensen zonder een lichamelijke beperking. Van de mensen met een matig tot ernstige motorische beperking, sport 29% wekelijks, dit is 59% bij mensen zonder lichamelijke beperking. Uit ander onderzoek is gebleken dat jongens met Duchenne spierdystrofie minder sporten in vergelijking met gezonde leeftijdsgenoten en dat het plezier wat zij tijdens het sporten ervaren ook minder is. Daarnaast gaven deelnemers in deze studie aan dat zij het moeilijk vonden om voldoende fysiek actief te zijn. Dit werd met name veroorzaakt door: een beperkt aanbod van sportfaciliteiten, gezondheidsbeperkingen en een grote afstand tot sportfaciliteiten. Dit terwijl deelnemers wel aangaven dat sport belangrijk is voor een goede conditie, om vrienden te maken en om plezier te hebben. Deze onderzoeksresultaten laten zien dat deelname aan sportactiviteiten als erg belangrijk wordt ervaren door kinderen met een motorische beperking.

Als gevolg wordt sportparticipatie voor chronisch zieke kinderen gestimuleerd door de overheid en er zijn verschillende projecten voor het bevorderen van sportparticipatie zoals ‘Zo kan het ook!’ en ‘Special Heroes’. In deze programma’s wordt samengewerkt met instellingen voor verstandelijk gehandicapten en met scholen voor kinderen met motorische of verstandelijke beperkingen om in de instelling zelf sport en bewegen te stimuleren. Daarnaast zijn er voor kinderen met verstandelijke beperkingen de speciale G-teams. Deze fantastische initiatieven zijn echter niet altijd bereikbaar of geschikt voor kinderen met een lichte verstandelijke beperking of normale intelligentie en alleen motorische beperkingen, maar zij kunnen ook niet deelnemen aan reguliere sportlessen. Dit terwijl er wel behoefte is aan het kunnen volgen van recreatieve sportactiviteiten buiten school om. Veel sportbonden zijn bereid om sportlessen aan te bieden voor chronisch zieken met een verstandelijke of motorische beperking, echter zijn er onvoldoende (gekwalificeerde) begeleiders beschikbaar en zijn de groepen vaak erg klein.

Mensen met motorische beperkingen ervaren vaak niet alleen fysieke problemen, maar ondervinden ook psychosociale belemmeringen. ‘Hoe moet ik omgaan met mijn beperking?’ en ‘Hoe kijken anderen tegen mij aan?’ zijn bijvoorbeeld vraagstukken die in deze doelgroep spelen. Tijdens veel sportactiviteiten ligt de nadruk op het verbeteren van de fysieke conditie en wordt minder aandacht besteed aan het psychosociale aspect. Dit is anders bij martial arts, oftewel verdedigingskunsten. In martial arts lessen wordt veel aandacht besteed aan zowel de fysieke als psychosociale aspecten. Uit onderzoek is dan ook gebleken dan mensen die deelnemen aan martial arts trainingen verbeteren op zowel fysiek als psychosociaal niveau. Martial arts verbeteren het zelfbeeld, zorgen voor een positieve reactie op fysieke uitdagingen, verbeteren autonomie, emotionele stabiliteit en assertiviteit en verminderen angst en depressie. Daarnaast is gebleken dat martial arts gebruikt kunnen worden voor zowel therapeutische, onderwijs en recreatieve doeleinden voor meervoudig gehandicapte kinderen en dat het stereotype gedrag verminderd bij kinderen met autisme.

We denken daarom dat martial arts een uitstekende basis zijn voor sportlessen voor kinderen met een motorische beperking. Daarom is in samenwerking met universiteiten, revalidatiecentra en patiëntenorganisaties een speciaal martial arts programma ontwikkeld voor kinderen met een motorische beperking. Het programma is geschikt voor ambulante en niet-ambulante (rolstoel gebonden) jongeren met een licht beperkte tot normale cognitieve ontwikkeling.

Doel
Het bieden van reguliere martial arts/taekwon-Do trainingen aan kinderen met een motorische beperking om zo hun fysieke en mentale weerbaarheid te verbeteren.
Wat maakt dit doel uniek
- Regionaal om reisafstand zo veel mogelijk te beperken
- Volgens wetenschappelijk onderbouwd lesprogramma
- Ervaren en gecertificeerde instructeurs
- Gericht op verbeteren fysieke én mentale weerbaarheid
- Deelnemers zijn onderdeel van de vereniging (betrokkenheid en participatie)
- Plezier en samen trainen staan voorop
- Lessen aangepast op individuele vaardigheden

Doelgroep en betrokkenheid van doelgroep
We richten ons op jongeren van 6 tot 18 jaar met een chronisch motorische beperking. We richten ons voornamelijk op kinderen die bekend zijn binnen revalidatiecentra, zoals bijvoorbeeld kinderen met neuromusculaire aandoeningen en cerebrale parese, maar kinderen kunnen zich ook zelf aanmelden. Kinderen met een lichte verstandelijke beperking of normale intelligentie worden toegelaten tot het programma, en ook kinderen in een rolstoel kunnen meedoen. Kinderen met een ernstig verstandelijke beperking worden uitgesloten. Groepen worden ingedeeld op basis van hun leeftijd en motorische vaardigheden.

Naast dat de doelgroep in staat wordt gesteld om de aangepaste martial arts lessen te volgen wordt ook de sociale omgeving betrokken door middel van huiswerkopdrachten. Deze huiswerkopdrachten zullen wederom gericht zijn op zowel fysieke als psychosociale ontwikkeling. Deelnemers worden gestimuleerd om ook thuis actief te zijn, maar ook om hun opgedane kennis te delen, bijvoorbeeld op school of in de familiekring. Verder zijn patiëntorganisaties en ervaringsdeskundigen gevraagd worden om mee te denken over de inhoud van het programma zodat het programma goed aansluit op de wensen van de deelnemers.